Zoeken

maandag 16 mei 2016

Veel tweeverdieners beseffen helemaal niet hoe véél ze verdienen

Kort na het verschijnen van Het plakbandpensioen werd mij gevraagd of ik soms zin had om te figureren in de rubriek Geld & Geluk in het Algemeen Dagblad. Geen gekke vraag, want in zekere zin gaan mijn laatste vijf boeken allemaal over het verband tussen die twee zaken, waarbij de conclusie voorlopig is dat "geluk" een restproduct is. Daarmee bedoel ik dat je het min of meer in je schoot geworpen krijgt als je je leven op een bepaalde manier inricht. Zodra het AD op zaterdag in de bus ploft, lees ik deze rubriek dan ook altijd als eerste en verbaas ik me telkens weer over de manier waarop sommige mensen met geld omgaan of tegen dit onderwerp aankijken.

Voorlopig heb ik trouwens "nee" gezegd, want deze keer kreeg mijn vrouw het laatste woord en zij vindt mij "te bekend" (wat zomaar waar zou kunnen zijn, maar ook zomaar een slimme manier zou kunnen zijn om er onderuit te komen). Niet zo lang geleden stond ik al uitgebreid in het AD met mijn verhaal, dus wellicht is het beter om pas op die plek te figureren als ik iets beter weet hoe dat zelfgefinancierde basisinkomen in de praktijk uitpakt. Sinds 1 mei betaal ik mezelf elke maand 1000 euro netto van mijn spaarrekening, dus het is te kort om daar nu al iets zinnigs over te kunnen zeggen. Pas over twaalf maanden maak ik de balans op.

Voor alle duidelijkheid: we leven als gezin dus niet van 1000 euro per maand, want dat bedrag komt bovenop het salaris dat mijn vrouw elke maand verdient met haar omgekeerde werkweek. In Het plakbandpensioen schrijf ik niet voor niets dat mijn deeltijdpensioen alleen mogelijk is dankzij de deeltijdbaan van mijn vrouw. Omgekeerd zou je ook kunnen zeggen dat zij al sinds 1991 met deeltijdpensioen is, omdat ze elke week vijf dagen van haar vrijheid kan genieten. Mijn boek gaat dan ook niet alleen over de vraag hoe je een (vroeg)pensioen financiert, maar ook op welke manier je daar tegenaan kunt kijken.

Één van de vragen die ik in mijn volgende boek (zomer 2017) probeer te beantwoorden, is de vraag of je als gezin genoeg hebt aan ongeveer 2100 euro netto per maand. Met die blik las ik ook het verhaal van het jonge stel dat deze week figureert in de rubriek Geld & Geluk. Samen verdienen ze meer dan het dubbele van ons maandelijkse budget, wat helemaal niet zo gek is voor tweeverdieners die allebei fulltime werken. Je hoeft helemaal geen bijzondere baan te hebben of bijzonder veel te hebben geleerd om samen uit te komen op minimaal 4000 euro netto per maand.

Uit het verhaal blijkt dat ze allebei kinderen hebben uit een eerdere relatie en dat ze in een maisonnette in Heiloo wonen. Jammer genoeg staat er niet hoe hoog hun hypotheek of huur is en of er sprake is van eventuele alimentatieverplichtingen. Nu kom je eigenlijk alleen te weten dat ze weliswaar hun financiën goed bijhouden in Excel, maar er tegelijk niet in slagen om maandelijks veel geld opzij te leggen voor dat grote vrijstaande huis met een kip en een geit waar ze van dromen. Ze geven relatief veel geld uit aan boodschappen (800 per maand), maar kopen cadeaus juist eerder op Marktplaats dan in de winkel.

Nu snap je meteen ook waarom mijn vrouw liever niet in die rubriek wil verschijnen: omdat mensen al je woorden dan onder een vergrootglas gaan leggen op zoek naar tegenstrijdigheden of rare discrepanties. Die zijn er in ons leven ook, want we gaan bijvoorbeeld nog maar zelden uit eten terwijl ik elke maand meer dan 100 euro kwijt ben aan krantenabonnementen. Die heb ik als schrijver weliswaar nodig, maar je praat toch over een bedrag van meer dan 1200 euro per jaar, terwijl de consensus is dat nieuws ook gratis te volgen is op www.nu.nl

Als lezer heb je te weinig informatie om je écht een beeld te kunnen vormen van hun uitgavenpatroon, maar hun verhaal lijkt wel te bevestigen wat ik al een tijdje vermoedde: dat tweeverdieners vaak niet goed beseffen hoeveel geld er maandelijks eigenlijk binnenkomt en het dus te gemakkelijk ook weer uitgeven. Toen wij begonnen met aflossen, verdienden we samen ongeveer 4000 netto per maand en hielden we op jaarbasis - houd je vast - 20.000 euro over om af te lossen. Zo kun je in tien jaar makkelijk twee ton sparen en zou die mevrouw op haar veertigste al op Funda kunnen gaan zoeken naar dat leuke vrijstaande huis.

Om die reden schrijf ik in Hypotheekvrij! ook dat tweeverdieners niet in de valkuil moeten trappen van gescheiden rekeningen (ook niet als ze extra behoedzaam zijn omdat ze al een keer zijn gescheiden). Pas wanneer je al je geld op één hoop gooit, besef je hoeveel je samen eigenlijk verdient en zie je ook beter waar alles blijft. Het kan trouwens best dat dit stel dat al doet, want in het verhaal wordt er niets over gezegd. Tegelijk leert een rekensom dat wij, met een netto inkomen van 5000 euro per maand, jaarlijks 35000 euro hadden kunnen sparen zodat je na amper tien jaar al beschikt over 350.000 euro en contant een vrijstaand huis kunt kopen.

Of je dat nu haalbaar acht of niet, het is belangrijk om af en toe dat soort rekensommetjes te maken (want dan pas kun je keuzes maken en prioriteiten stellen). Met 5000 netto móet je namelijk minimaal 500 euro per maand opzij kunnen leggen, anders gaat er ergens iets mis of woon je veel te duur. De vrouw in kwestie heb ik in elk geval al op één klassieke denkfout kunnen betrappen, want ze droomt van een gróót vrijstaand huis. Die droom is veel sneller te verwezenlijken wanneer je in plaats daarvan kiest voor een klein(er) vrijstaand huis, want dat doet aan het gevoel van vrijheid niet af, zeker niet als je daarnaast ook nog kunt beschikken over vrij uitzicht.