Zoeken

vrijdag 11 mei 2018

Dat veelgeroemde Zweedse model is dus helemaal niet zo feministisch

Onlangs opperde ik dat het interessant zou zijn om in interviews eens aan feministen te vragen in welk land ze als vrouw liever geboren zouden zijn. Het scheelt namelijk nogal wanneer je nuchter moet vaststellen dat je nergens beter af bent dan in dit land met al zijn vrijheden. Voorspelbaar genoeg waren er toch een paar mensen die opmerkten dat het in IJsland, Zweden en Noorwegen allemaal veel beter geregeld is als het gaat om kinderopvang, vaderschapsverlof en het dichten van de loonkloof. Dat klopt waarschijnlijk, maar als graadmeter voor vrouwenemancipatie is het Scandinavische model een tikje overschat.


Er waren ook mensen die zich hardop afvroegen wat ik nu precies met die vraag duidelijk probeerde te maken. Zelf zou ik het nogal verhelderend vinden als we vast moeten stellen dat je als vrouw het geluk hebt om te mogen leven in een land waar de vrouwenemancipatie zijn voltooiing nadert en iedereen het er in grote lijnen wel over eens is dat vrouwen gelijke rechten hebben en gelijke kansen zouden moeten hebben (inclusief het recht op gelijke betaling). Bovendien zegt het antwoord ook iets over de vraag hoe vrouwen zich een feministische heilstaat voorstellen. Uit al dat gemopper op het patriarchaat kun je namelijk niet meteen afleiden hoe de ideale samenleving er in hun ogen uit zou moeten zien en hoe ver we daar nog precies van verwijderd zijn.

Het heersende idee is dat het in Nederland al aardig de goede kant op gaat, maar dat we op het gebied van vrouwenemancipatie nog een heleboel kunnen leren van Scandinavische landen als Noorwegen en Zweden. Aan dat rooskleurige beeld valt echter wel het een en ander af te dingen na het lezen van bovenstaand artikel uit NRC Weekend. Daar stonden een heleboel dingen in die ook voor mij nieuw zijn, bijvoorbeeld het feit dat er in de jaren vijftig verhoudingsgewijs veel jonge mannen vanuit Zweden zijn geëmigreerd naar landen als Australië en de Verenigde Staten. Ook werden er in dat land zo weinig kinderen geboren dat bezorgd gesproken werd over een 'bevolkingscrisis'.


Om een na-oorlogse verzorgingsstaat op te bouwen en de welvaart te laten groeien, was het noodzakelijk dat vrouwen de arbeidsmarkt betraden. Om die reden werd er een heel pakket aan maatregelen genomen waar hedendaagse feministen nog steeds vol trots naar verwijzen: gratis kinderopvang voor kinderen vanaf vier jaar, riant ouderschapsverlof voor zowel vaders als moeders, subsidies voor grote gezinnen en ga zo maar door. Letterlijk staat er in het artikel: "Kinderen moesten geen belemmering zijn voor moeders om betaald werk te doen".

Laat die laatste zin even goed tot je doordringen. Het was de Zweedse overheid dus niet zozeer te doen om de bevrijding van de vrouw of het vergroten van het individuele geluk van de helft van de bevolking, maar om het ten volle benutten van hun arbeidspotentieel. Je kunt daar een feministisch sausje overheen gieten, maar in de kern is het slechts een pragmatisch, of zelfs ronduit kapitalistisch winstmodel met als doel zoveel mogelijk belastinginkomsten te genereren. Daar profiteert uiteindelijk iederéén van, want zonder werkenden zouden wij hier ook geen AOW hebben. Tegelijk heeft het met emancipatie of vrouwenrechten net zoveel te maken als autorijden met het vermoorden van insecten.


Ik kan niet vaak genoeg benadrukken dat wij hier in huis de rollen naar volle tevredenheid hebben omgedraaid (waarbij mijn vrouw meer is gaan werken en ik meer in het huishouden doe). Dat neemt niet weg dat ik vind dat emancipatie vaak veel te eenzijdig wordt ingevuld en ook te vaak het karakter aanneemt van eenrichtingsverkeer. Zo zag ik niet zo lang geleden de film Die Göttliche Ordnung, waarin Zwitserse vrouwen niet alleen strijden om kiesrecht, maar ook het recht opeisen om buitenshuis te gaan werken. Dat is vanuit hedendaags perspectief niet meer dan vanzelfsprekend, maar tegelijk vraagt niemand in die film ooit aan de man van de hoofdrolspeelster of hij het eigenlijk wel leuk vindt om twee jaar in militaire dienst te gaan of om veertig jaar fulltime te werken als kostwinner. Hij mag dan wel kiesrecht hebben, maar hoeveel heeft hij zélf eigenlijk te kiezen?

Het Scandinavische experiment heeft blijkens het artikel in NRC Weekend nog een merkwaardig schaduwrandje doordat er verhoudingsgewijs veel huiselijk geweld voorkomt. Wetenschappers hebben daar niet echt een sluitende verklaring voor en spreken het vermoeden uit dat dat komt door "verzet tegen gendergelijkheid en woede over de relatief hoge status van vrouwen". Dat valt niet uit te sluiten, maar is tegelijk ook de meest logische uitkomst als je door een feministische bril naar de feiten kijkt. Vrouwenmishandeling hoeft lang niet altijd iets te maken te hebben met het feit dat het slachtoffer een vrouw is, maar kan net zo goed terug te voeren zijn op alcoholmisbruik en depressieve gevoelens die het gevolg zijn van die lange donkere wintermaanden. Zo blijkt maar weer eens dat iets lang niet altijd is wat het lijkt als je er op een iets andere manier naar kijkt.